Beloopsvormen
Bij MS kennen we een aantal beloopsvormen waarvan er vier het meest voorkomen:
1. De milde beloopsvorm ook wel benigne beloopsvorm genoemd
Deze milde vorm van MS komt bij ca. 10% van alle mensen met MS voor. Milde vorm wil zeggen dat je een of twee aanvallen van de ziekte kunt krijgen en soms wel tien jaar niet meer. Deze aanvallen zijn ook niet ernstig van aard en er blijven weinig restverschijnselen over.
2. De relapsing remitting beloopsvorm ook wel de beloopsvorm met aanval en herstel genoemd
Deze beloopsvorm van aanval en herstelmomenten komt bij ca. 40% van alle mensen met MS voor. Dit wil zeggen dat er bij regelmaat aanvallen optreden die ook weer voor een groot gedeelte kunnen herstellen. Een aanval flakkert op en kan weer uitdoven, de ernst van de aanval is bepalend of er schade aan de myelinelaag is achtergebleven. Sommige mensen krijgen een of twee aanvallen per jaar en anderen krijgen soms wel tien aanvallen per jaar, dit is per individu verschillend.
3. De secundair progressieve beloopsvorm
De beloopsvorm secundair progressief volgt meestal op de aanval en herstel beloopsvorm. Deze beloopsvorm hebben ook ca. 40% van alle mensen met MS. Het wil niet altijd zeggen dat de aanval en herstelbeloopsvorm altijd overgaat in de secundair progressieve beloopsvorm, maar vaak is dit wel zo en soms pas na een jaar of twintig. Ook dit is afhankelijk van het aantal aanvallen die er ontstaan zijn. Bij de secundair progressieve beloopsvorm treden geen herstelmomenten meer op, maar vindt langzame achteruitgang plaats.
4. De primair progressieve beloopsvorm
De primair progressieve beloopsvorm kenmerkt zich door een snelle achteruitgang vanaf het begin. Dit wil zeggen dat er bij deze beloopsvorm geen sprake is van aanvallen en herstelmomenten, maar dat de verslechtering langzaam toeneemt waardoor steedsmeer functies aangedaan worden. Ca. 10% van alle mensen met MS hebben de primair progressieve beloopsvorm.
Hoe weet je nu welke beloopsvorm je hebt?
De neuroloog kan pas na 1,5 tot 2 jaar de juiste beloopsvorm constateren, omdat MS dan pas een beloop heeft laten zien.
